NLCS++ Netbeheer
NLCS++ Netbeheer is de standaard die is opgesteld in opdracht van Alliander, Enexis en Stedin, met als doel om de energietransitie te ondersteunen met geautomatiseerde en gestandaardiseerde informatie uitwisseling in de aanlegketens voor Elektriciteit en Gas. Het beheer van de NLCS++ Netbeheer standaard wordt uitgevoerd door Liander, Stedin en Enexis. Momenteel wordt er gewerkt aan een plan om het beheer rond halverwege 2026 over te dragen aan Mijn Aansluiting.
Zoals onderstaande illustratie laat zien, wordt de standaard gebruikt voor de startsituatie (As Is), het ontwerp (As designed, To be) en voor de gerealiseerde situatie (As Built).
De afkorting NLCS staat voor Nederlandse CAD Standaard, de meest succesvolle standaard voor uitwisseling van CAD tekeningen. De aanduiding ++ wordt gebruikt om aan te geven dat NLCS wordt aangevuld met attribuutinformatie: alleen de tekening is namelijk niet voldoende om alle gewenste informatie uit te wisselen. De term “Netbeheer” is toegevoegd om aan te geven dat de attribuutinformatie wordt gestandaardiseerd met een informatiemodel dat speciaal is bedoeld voor uitwisseling van informatie in de aanlegketen. NLCS++ Netbeheer maakt dus gestandaardiseerde uitwisseling mogelijk in de aanlegketen. De drie netbeheerders Alliander, Enexis en Stedin implementeren deze standaard met het doel om de energietransitie optimaal geautomatiseerd te ondersteunen. Op termijn zullen ook beheerders van andere infrastructuren zoals bijvoorbeeld Water en Warmte bij deze standaard aansluiten.
NLCS++ Netbeheer bestanden zullen worden uitgewisseld via DSP Hoofdnet van MijnAansluiting. DSP hoofdnet standaardiseert het uitwisselen van procesinformatie, terwijl NLCS++ Netbeheer de uitwisseling van de assetdata standaardiseert. De NLCS++ Netbeheer bestanden worden daarom als bijlage meegestuurd met het berichtenverkeer van DSP hoofdnet.
Bekijk hier de Webinar over v12:
Waarom dit informatiemodel?
Binnen de sector voor aanleg en beheer van ondergrondse infrastructuur ontwikkelden netbeheerders en aannemers voorheen hun eigen oplossingen voor de registratie van ondergrondse assets. De netbeheerders en aannemers communiceren rechtstreeks met elkaar via verschillende niet-gestandaardiseerde oplossingen.
Om deze complexiteit te reduceren, communiceren netbeheerders en aannemers via één gestandaardiseerd kanaal (NLCS++), waarbij ruimte blijft voor eigen invulling binnen de organisaties.
Het gebruiksdoel van het informatiemodel is het ondersteunen van de uitwisseling van assetinformatie tussen netbeheerders en aannemers. Dit betreft onder andere het beschikbaar stellen van bestaande netwerken door de netbeheerder, het delen van ontwerpgegevens met aannemers en engineering, en het terug leveren van as-built informatie door aannemers na realisatie aan netbeheerder.
Uit een inventarisatie van beschikbare uitwisselingsformaten is gebleken dat NLCS++ voor regionale netbeheerders de voorkeur heeft boven bestaande standaarden zoals NLCS en IMKL. Voor elektriciteit en gas was echter nog geen concrete invulling van NLCS++ beschikbaar.
De NLCS++ invulling voor elektriciteit en gas bestaat uit twee onderdelen:
NLCS CAD tekening met laagindeling en symboliek die gestandaardiseerd is.
Attribuutinformatie die als XML bestand wordt meegeleverd en conformeert aan een vooraf overeengekomen XSD. Het informatiemodel dat in de XSD is vastgelegd is tot stand gekomen in opdracht van Alliander, Enexis en Stedin.
De resultaten worden aangeboden aan DigiGO met als doel deze op te nemen in een toekomstige versie van de NLCS-standaard. Hiermee leveren de betrokken netbeheerders een actieve bijdrage aan de verdere standaardisatie voor uitwisseling van ondergrondse assetinformatie voor bestaand net, ontwerp en revisie tussen netbeheerders en aannemers.
Gedurende deze levenscyclus neemt de vullingsgraad van de attributen in het model toe, doordat steeds meer informatie wordt toegevoegd en verrijkt.
Het model is ontworpen om alle gangbare objecten binnen elektriciteit- en gasnetwerken te ondersteunen, zodat aannemers deze eenduidig en volledig kunnen registreren. Dit minimaliseert uitval bij geautomatiseerde verwerking van data.
Voor situaties die niet binnen het standaardmodel passen, zijn aanvullende voorzieningen opgenomen. Zo kan met het object Aopmerking extra toelichting worden toegevoegd in het kaartbeeld, bijvoorbeeld ten behoeve van revisieverwerking. Daarnaast biedt AbestandBijlage de mogelijkheid om aanvullende bestanden, zoals foto’s of detailinformatie van complexe situaties (bijvoorbeeld gestuurde boringen), te koppelen aan de registratie.