Technische informatie

Technische informatie

Basisprincipes DSP

Bij het doorlopen van het opdrachtproces bewaakt het DSP de overeengekomen business rules in de vorm van de berichtenspecificatie en het proces/afgestemde berichtenvolgorde.
Business Rules in de Business Rules Manager (DSP Aansluiting) worden niet gebruikt om de inhoud van het TG en AGA bericht te valideren.

  1. Minimale informatie van de opdracht (adres, aannemer, netbeheerder, etc.) wordt eenmalig opgeslagen.

    • In latere berichten worden deze gegevens niet opnieuw verstuurd.

  2. Bij de start van het opdrachtproces worden het opdrachtId, de aannemer (opdrachtnemer) en de netbeheerder(opdrachtgever) aan elkaar gekoppeld.

    • Op basis van het opdrachtId wordt bepaald of een netbeheerder/aannemer een actie mag uitvoeren voor een opdracht en of deze juist is geadresseerd.

    • Een aannemer kan niet meer gewijzigd worden voor het betreffende opdrachtId(een aangepast opdrachtnemer-veld wordt genegeerd)

  3. Een bericht wordt alleen verwerkt als het opdrachtproces zich in de juiste status bevindt.

    • Doelstelling: Er is altijd maar 1 partij verantwoordelijk voor de volgende stap in het proces.

    • Voorbeeld DSP aansluiting: Na het versturen van een bijstelling is de netbeheerder aan zet voor het versturen van een opdracht of annulering. De aannemer kan op dit moment geen Technisch Gereed versturen.

    • Voorbeeld DSP hoofdnet: Na het versturen van afkeur op de eindlevering is de aannemer aan zet om een aangepaste eindlevering in te dienen. Er kan geen annulering of opdracht gereed verstuurd worden door de netbeheerder.

    • Het versturen van planningen staat los van het basisproces. Bij DSP aansluiting kan dat tussen ontvangst eerste opdracht en TG melding. Bij DSP hoofdnet kan dat tussen goedkeur opdracht en opdracht gereed melding.

 

Gebruik van het Platform

De deelnemers communiceren via het DSP met elkaar middels API webservices op basis van JSON. Bijlagen zijn als download-URLs opgenomen in de berichten, zie DSP bijlageproces voor meer informatie.
De primaire taak van het DSP hierbij is het valideren, ontvangen en afleveren van aangeboden berichten. Het DSP valideert de aangeboden berichten t.o.v. de afgesproken specificatie en de status van het proces. Zodra een bericht is verwerkt (het bericht is succesvol afgeleverd bij het DSP, het DSP heeft een 200 OK-response gegeven), heeft DSP de verantwoordelijkheid het bericht bij de geadresseerde af te leveren. Zie Aflevergarantie DSP.
Voor berichten die afgeleverd worden door het DSP, zal de ontvangende partij altijd moeten antwoorden met een 200 OK-response. DSP heeft een technische validatie gedaan, maar inhoudelijk kunnen er zaken zijn waar de ontvanger het niet mee eens is. In dat geval moet er gekozen worden voor een afkeurmogelijkheid binnen het berichtenverkeer (beoordeling of bijstelling) en niet voor het terugkaatsen van het bericht naar het DSP.

 

Authenticatie

  • Versturen van berichten (Deelnemer => DSP): OAuth2.0 met de client credentials flow.

  • Geldigheidsduur tokens: Een token heeft een geldigheid van 1 uur. Het uitgangspunt is daarom om hooguit 25-26 tokens per dag op te halen en deze gedurende de geldigheidsduur te blijven hergebruiken.

  • Ontvangen van berichten (DSP => Deelnemer): Het DSP pusht berichten richting een door de deelnemer in te richten server. Verkeer vanuit het DSP richting de deelnemer gaat ook met OAuth2.0. Daarom moet er ook een Token URL, een Client ID, en een Client Secret worden aangeleverd waarmee het DSP zich bij de deelnemer kan authoriseren.
    Mocht de deelnemer inbound whitelisting op basis van IP-adressen willen toepassen dan dient het volgende IP-adres gewhitelist te zijn om DSP berichten te kunnen ontvangen: 204.79.147.97.
    Dit IP-adres geldt voor alle omgevingen.

 

IP adressen DSP

QAS omgeving:
18.184.62.229
18.196.138.136
18.197.139.195

TEST omgeving:
3.120.99.75
35.156.133.98
35.157.145.91

Vraag functioneel beheer naar de IP adressen voor de PRD omgeving.

Time out

DSP hanteert een time-out van 5 seconden van de respons op de requests. Een deelnemer dient een bericht dus eerst in ontvangst te nemen van het DSP en pas daarna intern te verwerken.