Aanvullende Procesafspraken DSP-A
Veel uniformatie en afspraken die door de deelnemers zijn afgestemd, kunnen worden afgedwongen via de DSP-specificatie, maar voor een aantal zaken is de specificatie niet toereikend en zijn er aanvullende procesafspraken nodig. Op deze pagina worden de aanvullende afspraken omschreven.
Link | Datum | Onderwerp | Samenvatting |
|---|---|---|---|
22-10-2025 | Datumvelden | Format Datumvelden in DSP | |
22-10-2025 | Bijstelling | Gebruik van extra Onderbouwing | |
20-10-2022 | TG | Uniformiteit foto’s in TG | |
22-09-2022 | AGA | Tekenrichtlijnen demontages water | |
22-09-2022 | AGA | Tekenrichtlijnen liggingsgegevens in AGA | |
14-04-2022 | TG | Richtlijnen automatisch afkeuren TG | |
10-03-2022 | AGA | Uniformere tekenafspraken AGA | |
10-03-2022 | AGP na Annulering | Ondersteuning AGP na annulering | |
10-03-2022 | Opdracht | Huisnr toevoeging vullen met hoofdletters | |
04-03-2021 | AGA | Schetsverplichting op basis van werkzaamheden-aansluiting | |
26-11-2020 | BRM | Releasemomenten Business Rules Manager | |
15-10-2020 | Opdracht | Vulling ‘locatie’ Opdrachtbericht | |
24-09-2020 | Bijlagen | Maximale bestandsgrootte | |
07-04-2020 | Opdracht | Formaat postcode | |
28-11-2019 | Planning | Communicatie planning uitsluitend via DSP | |
20-11-2019 | Opdracht | Clustering, vulling verschillende ID’s in Opdracht | |
| Opdracht | Netbeheerder-specifieke prefix OpdrachtID | |
| Bijstelling | Bijstellingreden Zie Toelichting |
Gebruik Gateway-velden
Zodra de next-gen E-meter in gebruik genomen wordt, worden de in DSP 3.0 toegevoegde gateway-velden relevant. Deze dienen gebruikt de worden volgens de volgende business rules:
werkzaamheden | oudeGateway | nieuweGateway | toelichting |
|---|---|---|---|
Plaatsen | Verboden | Verplicht | Optioneel |
Wisselen | Verplicht | Verplicht | Optioneel |
Verwijderen | Verplicht | Verboden | Optioneel |
Vastleggen informatie | Verplicht | Verboden | Optioneel |
Geen | Verboden | Verboden | Optioneel |
Datumvelden
Datumvelden in DSP worden gevuld met format 2025-12-01T10:00:00Z. Vanaf versie 3.0 is het mogelijk om andere formats op te geven, maar dat is niet de bedoeling.
Gebruik van extra onderbouwing in het bijstellingsbericht
Vanaf versie 3.0 bevat het bijstellingsbericht de extraOnderbouwing. De extra onderbouwing dient ter ondersteuning van het meterwisselproces. Grote aantallen opdrachten met geautomatiseerde communicatie naar de klant. Bij andere werkstromen dient het veld dus leeggelaten te worden.
Uniformering foto’s TG-bericht
Uniformiteit in vast te leggen foto’s in het Technisch Gereed bericht t.b.v. kwaliteitsverbetering. Richtlijnen per scenario:
Tekenrichtlijnen demontages water
Bij het verwijderen van een waterleiding kan er sprake zijn van “Afkappen” of “Afdoppen”. Om spraakverwarring te voorkomen zijn er richtlijnen vastgelegd voor het verwerken in de AGA, zie:
Tekenrichtlijnen liggingsgegevens in AGA
De AGA bevat altijd de liggingsgegevens zoals werkelijk ingemeten, met GPS of meetlint. De aannemer verstuurd geen aanvullende PDF-versie, DXF inmeetrapport of andere bijlage die uitsluitend gegevens bevat die ook al in het bericht zelf zijn opgenomen.
Richtlijnen automatisch afkeuren TG
De netbeheerder keurt niet automatisch af op onderstaande onderwerpen, indien de aannemer foto(s) heeft toegevoegd aan het TG bericht:
Meterstand nieuw/oud komt niet overeen met wat netbeheerder verwacht
Meternummer nieuw/oud komt niet overeen met wat netbeheerder verwacht
Aantal telwerken komt niet overeen met wat netbeheerder verwacht
Afwijking op waarden (zoals zekeringwaarde of aantal fasen) t.o.v. opdrachtbericht
Werkwijze: Niet automatisch afkeuren, maar medewerker naar laten kijken. Met aanvullende foto(s) is afkeuren mogelijk overbodig.
Uniforme tekenafspraken AGA
Uniforme richtlijnen voor de vulling van de AGA:
Alleen wijzigingen worden opgevoerd. Voorbeeld: bij een demontage wordt het verwijderde stuk kabel/leiding en de eindmof/eindkap opgegeven. De bestaande aftakking en achtergebleven kabel/leiding worden niet opgevoerd.
Het nulpunt (nulpuntsmaatvoering) bevindt zich altijd op een hoek van een BAG object, niet op een gevelscheiding. De gevelscheiding is niet in elk systeem bekend.
Bij digitaal inmeten (inmeetwijze: GPS) is het nulpunt niet verplicht, bij analoog inmeten (inmeetwijze: meetlint) is het nulpunt wel verplicht.
De leiding wordt getekend tot aan de gevel bij BAG objecten. Er wordt dus niet naar binnen getekend.
Een PEKO (of elk andere asset) wordt getekend op de daadwerkelijke positie. In het verleden bestond er de werkwijze deze standaard op 1m afstand van de gevel te tekenen.
Er wordt altijd een afnameservicepunt getekend, als eindpunt op een kabel/leiding.
Ondersteuning AGP na annulering
Zowel Netbeheerder als Aannemer ondersteunen het proces om na een annulering een AGProductiestaat + Beoordeling + OpdrachtGereed bericht te verwerken.
Huisnr Toevoeging vullen met hoofdletters
De huisnummertoevoeging wordt gevuld met hoofdletters. Ook het aansluitobjectId bevat hoofdletters als deze gevuld wordt met postcode-huisnummer-toevoeging.
Schetsverplichting op basis van werkzaamheden-aansluiting
Het veld werkzaamheden/aansluiting kan worden gebruikt voor het herleiden van schetsverplichting.
Waarde: “Geen” → Wordt beschouwd als binnenwerk, er worden dus geen geografische assets verwacht.
Waarde iets anders dan “Geen” → Wordt beschouwd als buitenwerk, waarbij ook geografische assets worden opgegeven.
Definitie schetsverplichting: Een AGA wordt vanuit het verleden ook wel een ‘schets' genoemd en bevat een combinatie van Geografische gegevens zoals leidingen en aftakkingen en Formulier gegevens zoals capaciteit en meterkastgegevens. Een schets zonder geografische gegevens wordt ook wel een lege schets genoemd. In applicaties van aannemers wordt er soms voor gekozen een lege schets op een andere manier te verwerken, zodat de specialistische software voor het verwerken van geografische gegevens niet benaderd hoeft te worden.
Releasemomenten Business Rules Manager
Er zijn elk jaar 4 momenten om de Business Rules in de Business Rules Manager aan te passen. Deze 4 momenten worden in het voorgaande jaar in het DSP deelnemersoverleg vastgesteld.
Elke releasemoment kent de cyclus:
Publiceren (Netbeheerder)
controleren (Aannemer)
verwerken feedback (Netbeheerder)
verwerken wijziging in applicatie (Aannemer)
Wijzigingen in de waardenlijsten worden waar mogelijk gelijktijdig met een Business Rule wijziging doorgevoerd.
Vulling ‘locatie’ Opdrachtbericht
In de opdracht wordt de locatie opdracht/leveradres/locatie altijd gevuld met in ieder geval adres of gps of bag. Het veld bgt kan eventueel gevuld worden, maar moet altijd gecombineerd worden met 1 van de 3 andere opties.
Maximale bestandsgrootte
Het limiet voor bijlagen is 50 mb. In een oudere versie van het DSP was dat de omvang van de totale set bijlagen, in het huidige DPS is het 50 mb per bijlage.
Formaat postcode
De postcode wordt vastgelegd in het format 1234AB . Het postcode-veld wordt niet gelimiteerd op 6 tekens, om buitenlandse postcodes mogelijk te houden.
Communicatie planning uitsluitend via DSP
Voor DSP-opdrachten wordt de planning uitsluitend gecommuniceerd via DSP. Een planning hoeft dus niet ook op een alternatieve manier (zoals lijsten in Excel) gedeeld te worden.
Clustering, vulling verschillende IDs in Opdracht
De volgende velden worden gevuld conform afspraak:
clusterId: vullen met LIP-aanvraag ID.
Wordt ook gebruikt om de opdrachten te kunnen matchen met een CAPO project.
Invulling naar keuze Netbeheerder indien het geen LIP-aanvraag betreft.clustercodeNB: Netbeheerderspecifieke clustering, kan bijvoorbeeld gevuld worden met een interne projectreferentie of ook met het LIP-aanvraagId. Invulling naar keuze Netbeheerder.
externeReferentie: vullen met DisciplineID uit de LIP-aanvraag. Bij voorkeur leeg laten als het geen LIP-aanvraag betreft.
aansluitobjectId: vullen met ObjectID uit de LIP-aanvraag.
Wordt ook gebruikt in CAPO voor het matchen van een DSP-opdracht aan een object om te constateren of alle verwachte DSP-opdrachten zijn verstrekt.
Indien het geen LIP-aanvraag betreft, dan vullen met postcode, huisnummer, toevoeging, in formaat:1234AB-123-TOEV.
Aannemers gebruiken het aansluitobjectId om DSP-opdrachten van verschillende netbeheerders te bundelen op object(adres)niveau.gerelateerdProject: De netbeheerder kan hier een gerelateerd project opgeven, waar bij het uitvoeren van de aansluiting rekening gehouden dient te worden. Dit kan bijvoorbeeld een CAPO Hoofdleiding projectId zijn.
Netbeheerder-specifieke prefix OpdrachtID
Netbeheerder | Prefix |
|---|---|
Brabant Water | BRW |
Cogas | CKI |
Coteq | COG |
DNWG | DNW |
Dunea | DUN |
Enexis | ENX |
Evides | EVI |
KPN | VWT |
Liander | LIA |
Oasen | OAS |
PWN | PWN |
Rendo | REN |
Stedin | STD |
Vitens | VIT |
VodafoneZiggo | ZIG |
Waterbedrijf Groningen | WBG |
Waterleidingmaatschappij Limburg | WML |
Waternet | WAT |
Westland Infra | WIN |
WMD | WMD |
Bijstellingsreden Zie Toelichting
De bijstellingsreden Zie Toelichting uitsluitend gebruiken als de andere redenen niet toereikend zijn. De redenen worden gebruikt voor business analyse, wat vermoeilijkt wordt door het gebruik van Zie Toelichting.